Nood aan een genuanceerd verhaal
Bij de start van haar lezing staat Emmers even stil bij de titel: de laatste tijd wordt er erg gefocust op de bedreiging die van China zou uitgaan, maar er zijn ook heel wat opportuniteiten voor België en Europa. Er is dus nood aan een genuanceerd verhaal.
De eerste ontmoetingen tussen China en het westen
Emmers schetst de geschiedenis van de ontmoetingen tussen China en het westen. Een sleutelmoment was het bezoek van Lord Macartney (gezant van de Engelse koning George III) aan de Chinese keizer Qianlong in 1793. Die keizer toonde geen interesse in betere handelsbetrekkingen en modernisering, wat achteraf bekeken een grote inschattingsfout was. De periode van 1839 (start eerste opiumoorlog) tot 1949 staat dan ook in China bekend als de eeuw van de vernederingen, en werd gekenmerkt door nederlagen en dominantie door Westerse mogendheden en Japan. De periode vanaf 1949 (oprichting Volksrepubliek China) wordt beschouwd als de eeuw van heropbouw.
Drieledige Europese houding
China en Europa knopen in 1975 officiële diplomatieke relaties aan en sluiten in 1978 een eerste handelsakkoord. China ziet Europa als een interessant alternatief voor de VS, maar heeft moeite met de verdeeldheid en de ingewikkelde besluitvorming in de EU. Daarom kiest het land soms voor onderhandelingen met individuele lidstaten. Meer eensgezindheid in Europa zou dus ook op dat vlak een voordeel zijn. Europa kiest sinds 2019 voor een drieledige aanpak van China: partner (bijvoorbeeld op het vlak van klimaat), concurrent (o.a. economisch en militair) en rivaal (op vlak van mensenrechten, waarden en democratie). Door de toenemende geopolitieke spanningen komt de focus de laatste jaren vooral op de rivaalpositie te liggen.
Economische groei en de Chinese aanpak
China kende sinds het einde van de jaren ’70 een grote economische groei en is intussen de 2de grootste economie, de grootste handelspartner en de grootste kredietverlener ter wereld. Toch kent de Chinese economie ook een aantal hindernissen, al is het geen tikkende tijdbom, zoals soms beweerd wordt.
China heeft heel lang gebruik kunnen maken van een enorm aantal goedkope arbeidskrachten, maar door de vergrijzing (o.a. door de bevolkingscontrole met onder meer een eenkindpolitiek) is die troef verdwenen. Naast het verlies van dit demografisch dividend, heeft het land ook te kampen met een ‘human capital crisis’: er is slechts een minderheid van de beroepsbevolking hoogopgeleid, en dat geldt nog veel sterker op het platteland. Bovendien lijkt de economische groei van China ongebalanceerd, met een zeer grote nadruk op kapitaalinvesteringen en te weinig aandacht voor de binnenlandse consumptie.
Sinds 2006 voert China een vrij agressief industriebeleid. Het land focust hierbij op technologische ontwikkeling en kiest voor investeringen in strategische sectoren, meer bepaald die sectoren waarin het een grote sprong kan maken (‘leapfroggen’) en het Westen voorbijsteken. Een mooi voorbeeld hiervan is de vroege keuze voor elektrische wagens. Dit industriebeleid wordt centraal aangestuurd, o.a. via vijfjarenplannen waarin de algemene doelstellingen worden bepaald, en decentraal/lokaal uitgevoerd. Bij die implementatie wordt stevig geëxperimenteerd, waardoor alleen de sterkste bedrijven overblijven.
In de Chinese economische politiek ligt de nadruk op zelfredzaamheid, o.a. via het terugdringen van importafhankelijkheid, vooral in hoogtechnologische industrieën. Keerzijde van de medaille zijn grote handelsoverschotten en overproductie, o.a. in groene technologie. Om dit op te vangen is een hogere binnenlandse vraag nodig, maar die is niet evident omwille van een gebrekkig consumentenvertrouwen en het lage inkomen van een groot deel van de bevolking (de ongelijkheid nam sterk toe sinds het einde van de jaren ’70).
Chinese droom
Je zou kunnen stellen dat er tegenover the American Dream ook een Chinese droom staat. Die focust niet op persoonlijke, maar op gemeenschappelijke voorspoed, en moet in 2049 (100 jaar na oprichting Volksrepubliek) resulteren in een welvarend, modern en leidinggevend land. Om dit na te streven hecht het land erg veel belang aan een stabiele omgeving.
Vragen uit het publiek
In de vragenronde wordt ingegaan op de betrouwbaarheid van statistieken. Hierbij is het vooral belangrijk om zoveel mogelijk bronnen te checken.
Ook wordt – n.a.v. een recent bezoek aan China – opgemerkt dat er een echte cultus bestaat rond Mao en huidig leider Xi Jinping, maar dat Deng Xiaoping vrijwel uit het straatbeeld verdwenen is. Volgens Emmers heeft er rond Deng nooit een grootschalige cultus bestaan. Het is bijvoorbeeld tekenend dat men spreekt over het gedachtengoed van Mao en de theorieën van Deng.
I.v.m. het eenkindbeleid werd er heel veel onderzoek gedaan. Hieruit bleek dat dit een enorme invloed heeft gehad op familie, relaties en de hele samenleving. Ook na de afschaffing opteren nog veel koppels voor maar een kind. Dit biedt immers de mogelijkheden om met 2 te werken, waarbij het kind vaak door de grootouders wordt opgevoed.
Er wordt gevraagd of Chinezen gesloten zijn. Eigenlijk niet, maar er zijn culturele barrières. Au fond willen ze hetzelfde als wij. Daarom een oproep om zeker in contact te blijven en in gesprek te gaan!